- Download preek als PDF bestand    (Klik hier voor grote letter)
 - Download liturgie als PDF bestand
 - Download PowerPoint presentatie
 
- Terug naar menu


Tips voor de (voor)lezer.

Deze preek kan afzonderlijk gelezen worden maar ook als onderdeel van een blokje van 4 preken over Romeinen 1 en 2.

ALGEMEEN
1. Lees als preeklezer vooraf het menu Informatie over Contact, Tekstkeuze e.a.

2. De cijfers tussen [ ] in de tekst, zijn alleen van belang wanneer men gebruik maakt van beamer-ondersteuning. Lees in dat geval als verzorger van de beamer vooraf in het menu Informatie : ,,De powerpoint presentatie''.

Liturgie.

Morgendienst:

Votum, zegengroet
Zingen: Psalm 89:1,3 (God zal ik altijd bezingen!)
Wet van de Here
Zingen: Psalm 25:2 (,,Leid mij in uw waarheid!'')
Gebed
Lezen: Romeinen 1:8-17 en aansluitend (als illustratie bij Paulus' verlangen om naar Rome te komen): Romeinen 15:14-29
Zingen: GK-2006, Lied 177:2 (Gebed om verlichting met de heilige Geest)
Tekst: Romeinen 1:8-17
Preek over Romeinen 1:8-17
Zingen: Liedboek 299 (Omstreden maar onverschrokken op weg naar het rijk van Gods recht)
Gebed
Collecte
Zingen: Psalm 89:7 (Het volk dat optrekt van geloof tot geloof)
Zegen



Middagdienst:

Votum, zegengroet
Zingen: Psalm 89:1,3 (God zal ik altijd bezingen!)
Gebed
Lezen: Romeinen 1:8-17 en aansluitend (als illustratie bij Paulus' verlangen om naar Rome te komen): Romeinen 15:14-29
Zingen: GK-2006, Lied 177:2 (Gebed om verlichting met de heilige Geest)
Tekst: Romeinen 1:8-17
Preek over Romeinen 1:8-17
Zingen: Liedboek 299 (Omstreden maar onverschrokken op weg naar het rijk van Gods recht)
Gebed
Apostolische geloofsbelijdenis
Psalm 89: 6 (Ik geloof in de Macht van de Vredesvorst)
Collecte
Zingen: Psalm 89:7 (Het volk dat optrekt van geloof tot geloof)
Zegen


Preek over: Romeinen 1:08-17

Wilt u voorlezing van deze preek in uw gemeente even melden via contact@vanbruggenpreken.nl?
______________________________
Leestip: zie laatste pagina




SCHAAM JE NIET VOOR HET GELOOF
Romeinen 1:8-17: Paulus durft naar Rome te gaan met het evangelie


*
[1]

Geliefde gemeente van onze Heiland,

Hoe goed is het evangelie dat ons hier samenbrengt. Hoe groot Gods liefde in zijn Zoon Jezus Christus! Wie zou zich ooit schamen voor dit blijde nieuws?

In ieder geval verwacht niemand dat van een apostel: het is immers zijn werk om altijd dat evangelie te prediken! Schaamte ervoor is wel het laatste waaraan je zou denken bij zo┬┤n man.
Toch vindt Paulus het nodig om aan de Romeinen te schrijven dat hij zich niet schaamt voor het evangelie. Dachten ze dat dan? Was er reden voor enig vermoeden in die richting? [2.1]

Ik denk het wel.

*

Probeert u het zich eens voor te stellen. Bij het schrijven van deze brief staat Paulus in gedachten voor de poorten van Rome. Dat is de leidinggevende stad voor bijna de hele wereld. Daar regeert de keizer over heel Europa en half Azi├ź en Noord-Afrika. Dit is het centrum van de legioenen die overal zijn uitgezwermd. Hier is de Macht van de wereld geconcentreerd. [2.2]

En nu moet Paulus naar die stad toe in naam van een terechtgestelde: voor de Romeinen is Jezus niet alleen iemand met een strafblad, Hij is zelfs door het wettig gezag ter dood veroordeeld. Eigenlijk dus een naam om je voor te schamen in Rome. [2.3]

En dan is Paulus op weg naar de stad van paarden en ruiters met niets anders dan zijn voeten in sandalen. Lopend gaat hij in die richting. Zonder soldaten, zonder machtige vrienden, zonder engelen. In zijn eentje. Klein Duimpje op weg naar de Reus! [2.4]

Op zo┬┤n moment zou je de moed in de schoenen kunnen zakken: je moet maar durven!

*

Wij vinden het een verschrikkelijke gedachte dat iemand zich zou schamen voor het evangelie. Dat vond Simon Petrus ook. En hij riep het uit: ,,Al zouden zij u allen verloochenen, ik niet!!┬┤┬┤ Maar toen Jezus geboeid stond en de mensen Simon aankeken in de voorhof, zei hij toch maar tot drie keer toe: ,,Ik ken Hem niet!┬┤┬┤

Is ons dat zo volstrekt vreemd? Wij durven zingen in de kerk, maar soms bevriest het evangelie in je mond, wanneer je in een omgeving komt waar het zo weinig relevant lijkt. Stel je eens voor dat je met het evangelie op weg moest naar de G8-top: wat zul je er uitrichten wanneer je oog in oog komt te staan met zoveel macht en politiek en invloed?

Onze omgeving straalt het ook uit dat het evangelie alleen iets is voor je persoonlijk gebruik. Wanneer je de moed zou hebben om uit te komen voor een schepping van de wereld door een levende God, zal hoon in Nederland je deel worden. Of waag het eens te beweren dat er een God is die de wereld komt richten. Schande wordt je deel, want je praat mensen angst-psychoses aan!

Wat denk je wel, kleine christen!
Schaam je voor zoveel aanmatiging.
Alsof het evangelie van belang zou zijn voor de h├ęle niet-christelijke wereld, zelfs voor mensen in het verlichte Westen, zelfs voor Rome.

*

Maar luister dan eens naar wat Paulus schrijft.
Hij kent het gevoel.
Maar hij zegt daarom hardop: ,,Ik schaam mij niet voor het evangelie┬┤┬┤.
Hij durft Rome in de ogen te kijken als kleine man: David op weg naar Goliat!
En Paulus vertelt ook waarom hij zich niet schaamt.
Laten we naar hem luisteren en van hem leren.

[3]

PAULUS DURFT NAAR ROME TE GAAN MET HET EVANGELIE


1. Op Gods tijd
2. In Gods kracht
3. Voor Gods recht



1. (Op Gods tijd) [4]

Eerlijk gezegd had Paulus wel een beetje de schijn tegen.
Het leek erop dat hij draalde om naar Rome te gaan.

Waar bleef hij al die afgelopen jaren?
Er is in deze wereldstad zelfs al een kleine gemeente ontstaan en nog steeds is Paulus daar de grote afwezige! [5.1]

De apostel laat wel direct aan het begin van zijn brief blijken dat hij heel blij is met het bestaan van deze gemeente in Rome (1:8-9). Hij dankt door Jezus Christus zijn God voor hen allen. In de hele wereld is immers hun geloof al bekend geworden. Paulus┬┤ omgeving spreekt erover: er zijn nu ook christenen in Rome! De apostel is dankbaar. [5.2]

Maar gelijktijdig voelt hij misschien ook wel dat zijn lezers een klein beetje sceptisch kijken. Het is alsof ze willen zeggen: ,,Dankbaar? Maar dan toch wel op afstand! Ben je wel ├ęcht zo dankbaar, Paulus?┬┤┬┤

Omdat dit gevoel kan leven wil Paulus direct elke twijfel de kop indrukken. Daarom herhaalt hij zijn woorden uit vers 8 en in vers 9 legt hij er dan bijna een eed op af: ,,God is mijn getuige, dat ik u onophoudelijk in mijn gebeden noem┬┤┬┤! Ze hoeven in Rome echt niet aan hem te twijfelen!

Sterker nog: Paulus wil ook niet op een afstand blijven. Hij bidt om een gelegenheid tot ontmoeting. Hij wil hen graag een geestelijk geschenk geven.

En terwijl Paulus dit schrijft, corrigeert hij zichzelf meteen. Rome is ook al in staat om h├ęm een geestelijk geschenk te geven: laten ze als volwassen gelovigen geschenken over en weer uitwisselen! Dan vieren ze niet alleen de aankomst van de apostel, maar ook de zelfstandigheid van de kerk in Rome (zie 1:11-12).

Paulus verlangt naar deze uitwisseling van geloof. Daarom maakt hij ook concrete plannen om na een bezoek aan Jeruzalem de gemeente in Rome te bezoeken en daarna naar Spanje te reizen (hij schrijft daar uitvoeriger over aan het slot van de brief in hoofdstuk 15).

*

Toch blijft er een onbeantwoorde vraag in de lucht hangen. Paulus voelt op afstand hoe de lezers hem toch wat zwijgend en vragend blijven aankijken.

Het zijn natuurlijk mooie woorden die hij schrijft, over dankbaarheid en verlangen en grote plannen.

Maar waar was Paulus al die lange tijd? Bijna ieder reist in die tijd naar Rome als hij iets belangrijks heeft. Wie een zaak wil opzetten, zoekt Rome. Wie een nieuwe filosofie wil uitdragen, reist naar Rome. Dat is de normale reisrichting. Maar Paulus bleef uit. Dat is toch vreemd. [5.3]

Durfde hij misschien niet??

De vraag zweeft op de achtergrond en uiteindelijk pakt de apostel die vraag dan ook op. En hij verantwoordt zich in 1:13-15 voor zijn uitblijven. Ze moesten eens weten, daar in Rome. Hij schrijft:

,,U moest eens weten, broeders en zusters, hoe vaak ik me heb voorgenomen naar u toe te komen, om net als bij de andere volken ook bij u vruchtbaar werk te doen. Maar ik was tot nu toe steeds verhinderd.┬┤┬┤ (1:13).


Het is goed dat ze in Rome te weten komen dat Paulus noodgedwongen zo lang wegbleef. Hij had altijd al naar Rome gewild, maar steeds werd hij door God verhinderd. Steeds trok God aan zijn stuur en moest hij weer een andere weg inslaan dan de weg naar Rome. [5.4]

*

Wij kunnen hier iets meer van weten dan de lezers in Rome, want wij hebben het boek Handelingen tot onze beschikking en ook meer brieven van Paulus dan die ├ęne aan Rome. Op grond van deze bronnen kunnen we in ieder geval het volgende nagaan in Paulus┬┤ levensloop.

Tijdens de tweede reis mocht hij van de Geest niet naar Asia (west-Turkije). Hij werd geroepen naar Macedoni├ź (Noord-Griekenland, Europa). Hij reisde toen over de Highway naar Rome, want vanuit het Oosten was de weg Oost-West door Macedoni├ź de normale en snelste weg om de hoofdstad te bereiken. De richting leek daarom nu wel vast te staan: op naar de wereldstad! Maar halverwege moet Paulus dan helaas uitwijken vanwege vervolgingen door de joden. [6]

Men brengt hem naar Athene. Dat is dicht bij de havenstad Korinte en vanuit de haven van Korinte kon hij toen langs een zuidelijker route over zee naar de hoofdstad Rome. Dat was ook een gangbare route naar de hoofdstad. Via een omweg zou hij dan toch zijn doel bereiken. Maar op dat moment hoort hij van Aquila en Prisca dat Rome voor de joden gesloten is. Dan blijft Paulus maar bij hen om in Korinte tenten te maken en het evangelie te preken. [7]

Wanneer hij vervolgens na anderhalf jaar naar Jeruzalem reist voor een kort bezoek, maakt hij een tussenlanding in Efeze en terwijl hij eerst niet naar Asia mocht, wordt het nu zo geleid dat hij daar op belangstelling stuit. Hij komt er niet onderuit om te beloven dat hij vanuit Jeruzalem zal terugkomen. En dan blijkt dat de Here hem er wel voor drie jaar een zegenrijk werk geeft. Het wordt zijn `derde zendingsreis'. Hij komt niet meer weg uit Efeze en Asia. En Rome moet weer wachten!
Het lijkt wel alsof hij niet naar Rome mocht, niet vanuit Macedoni├ź, niet vanuit Achaje en later ook niet vanuit Asia. [8]

Maar nu zal hij binnenkort toch komen. Denkt hij.
Maar wanneer Paulus dan een brief naar Rome schrijft over zijn voornemen om nu spoedig te komen, weet hij nog niet dat de geschiedenis van verhinderingen zich nog zal voortzetten. Hij wil nu via Jeruzalem naar Rome reizen en wel op korte termijn, maar wat hij nog niet weet, is dat hij in Jeruzalem gevangengenomen zal worden en hij zal meer dan twee jaar als gevangene in Caesarea moeten blijven.

Zal hij nog ooit in Rome komen? De brief gaat daar straks oud worden zonder dat Paulus verschijnt: waar blijft hij?

Uiteindelijk zal hij pas jaren na het schrijven van deze brief er dan toch arriveren, maar dan als een gevangene en geboeide (slot van Handelingen).

Wat Paulus schrijft in 1:13 (,,ik werd steeds verhinderd┬┤┬┤) zal nog wel een poosje langer blijven gelden dan hij denkt op dat moment. Het is een overheersende werkelijkheid in zijn leven: naar Rome willen en er niet komen! [9.1]

*

Gelukkig dan ook maar voor de Romeinen dat Paulus in deze brief een korte verklaring en verantwoording heeft gegeven bij dit merkwaardige verschijnsel. Hij legt uit waarom hij met zoveel oponthoud naar de wereldstad op weg is. Hij licht het toe in 1:14-15. Paulus wil graag naar Rome, maar de mensheid is groter dan die stad. En Paulus is apostel voor alle volken, niet alleen voor de centrale stad.

,,Ik sta ten dienste van alle volken: van beschaafde en niet beschaafde, geletterde en ongeletterde, en daarom is het mijn wens het evangelie ook aan u in Rome te verkondigen┬┤┬┤.

[9.2]
Voor trotse Romeinen in de hoofdstad Rome is dit een beetje een ontnuchterende manier van schrijven. Paulus zegt niet dat hij natuurlijk allereerst naar de belangrijke mensen en de hoofdstad wil. Hij noemt de beschaafde mensen maar ook de onbeschaafde, waar ze in Rome op neer keken (de Derde Wereld landen van destijds). En hij is niet alleen voor geletterden, maar ook voor ongeletterden (de analfabeten). Rome wordt in de rij gezet met alle andere mensen. En dan mag het daar ook een plaats hebben: ook aan u wil ik het evangelie brengen. Je zou denken: ,,ook aan u?┬┤┬┤, moet het niet zijn ,,juist of allereerst aan u?┬┤┬┤. [9.3]

Paulus formuleert hier onverwacht en opvallend en daardoor worden de lezers bescheiden gemaakt. Ze gaan voelen, dat God Rome niet naar de ogen kijkt. God ziet de persoon niet aan en ook de cultuur of de landen met beschaving niet. Het is zijn gevallen wereld. De reddingsactie kijkt niet naar groot of klein, maar kijkt alleen naar allen die in nood zijn, ,,├│├│k te Rome┬┤┬┤. Het evangelie is geen lauwerkrans voor de wereldstad, maar een reddingsboei voor alle mensen!

Gods weg door de wereld, broeders en zusters, volgt daarom niet de lijnen van de macht en de rijkdom, maar de lijn van zijn reddende verkiezing.

Dat is ook nu zo. Het evangelie breidt zich vandaag vooral uit in niet-westerse landen in Afrika en Azi├ź. Het wordt verbreid, waar soms nog niet eens een geschreven taal bestaat. Diep in de oerwouden van de Amazone ploeteren vertalers om het evangelie te vertalen in stamtalen van indianen die geen enkel boek hebben.

Maar dit betekent niet dat het evangelie de cultuurwereld ontwijkt en uitwijkt naar de arme en machteloze wereld.

Wij leven in het rijke en machtige Westen. De ├ę├ęrste wereld, denken we, zeker in vergelijking met de derde wereld. Toch geldt voor ons hetzelfde als voor Rome. Het evangelie is voor allen in nood: ├│├│k voor u in het rijke Westen, ook voor Rome! Het is voor alle mensen, voor eerste wereld landen en derde wereld landen, voor industriegebieden en voor arme landbouwstreken.

De stad gaat niet voor, maar wel is er ook voor de stad het evangelie van God.
Het komt daar op Gods tijd en wijze. Daar gaan wij niet over. Daar ging zelfs Paulus niet over. [9.4]

Hij dacht in Rome te moeten zijn, maar God stuurde hem juist naar Lycaoni├ź en Filippi en Korinte en Efeze.

Toch kwam het evangelie ook in Rome. Zonder Paulus!

*

Het evangelie staat onder regie van God zelf.
Gelukkig maar voor ons met onze plannen ├ęn mislukkingen.
God opent deuren en sluit ze.

Wij hoeven daarom niet op dichte deuren te bonzen. Het evangelie opent de deuren op Gods tijd en plaats. En wij zullen tevreden moeten zijn met de weg die God gaat ├ęn met de verhinderingen en onmogelijkheden die er soms zijn. [9.5]

Maar we moeten wel overal en altijd open en eerlijk kunnen zeggen met Paulus: ,,Ik scháám mij NIET voor het evangelie´´!


2. (In Gods kracht) [10]

Paulus spreekt in de verzen 16-17 over de MACHT van het evangelie: Hij trekt zich daaraan op. Daarmee overwint hij het schaamtegevoel dat je wordt opgedrongen door je omgeving. [11.1]

Schaamtegevoel wordt ons immers vaak aangepraat door de omgeving. Is het evangelie niet een armoedebod voor de hongerigen (tijden lang heette godsdient ,,opium voor het volk┬┤┬┤)? En westerse filosofen hebben Jezus ,,die bleke Jood┬┤┬┤ genoemd, die Nazoree├źr! Het evangelie wordt door velen gezien als een fossiel uit de tijd v├│├│r de Verlichting. Pas in onze verlichte tijd zijn de mensen eindelijk voor zichzelf gaan denken en zorgen. Daarom lijkt het evangelie nog w├ęl geschikt voor armen en zwakken en minder ontwikkelden. Maar het lijkt absoluut te zwak voor een ontwikkelde en wetenschappelijk sterke samenleving. Het is uit de tijd in Nederland. Iets om je voor te gaan schamen en om je verder maar terug te trekken in de stilte van een oud kapelletje.

We moeten niet denken dat dit vroeger anders was. We weten uit de aanvallen die de geleerden in de tweede en derde eeuw deden op het christelijk geloof dat ze het als ,,achterlijk´´ beschreven. Een gênante vertoning van bijgeloof. En vrienden vroegen elkaar in het heidense Rome: ,,Jij hoort toch niet ook bij die mensen?´´
De omgeving in Rome gaf een schaamtegevoel: machteloze christenen worden voor de leeuwen geworpen. De Macht is bij de ongelovigen, niet bij de gelovigen! [11.2]

*

Paulus gaat voor die dreiging niet uit de weg.
Hij pakt dat minachtende machtswoord op. En hij zegt: juist in het evangelie blijkt Kracht en Macht.
,,Ik schaam mij niet, want het Gods Macht!┬┤┬┤
Het evangelie kan de keizerstad wel aan, zoals het vroeger de stad van Nebukadnessar wel aan kon.
Die bij ons zijn, zijn meer dan die bij hen zijn.
Het evangelie is Macht!
Het lijkt alsof de macht is bij de G8 of bij de Verenigde Staten: wie kan tegen ze op?
Maar het evangelie is Power die daar bovenuit gaat.

Paulus voegt twee bijzondere dingen toe aan het woord ,,Macht┬┤┬┤.

a. Het evangelie is Kracht van God. Het evangelie van Elisa┬┤s God beschikt over ontelbare onzichtbare engelen. Al heeft de profeet niets dan ├ę├ęn machteloze dienaar, toch is de Macht bij de profeet en niet bij de Aramee├źrs. [11.3]

Apostelen hebben geen zwaarden en dat enkele zwaard dat ze hadden moeten ze in Getseman├ę opbergen. Toch overwint hun geloof de wereld.

De gemeente te Korinte heeft niet vele edelen en niet vele rijken, toch gaat haar wijsheid die van de wereld te boven.

Want de almacht van God is hoger dan alle macht van de mensen.

Mensen zijn alleen machtig zolang ze over iets beschikken buiten henzelf. Geld of politieke vrienden of legers of ruimtestations. Neem een menselijke machthebber dat alles af en er blijft niets over. Opeens zit Napoleon op Elba, als balling. En opeens is de machtige Stalin een gebalsemd lijk.
Menselijke macht is gegeven macht, geleende macht.

Onze westelijke wereld gaat dat langzaam maar zeker voelen: soms wankelt het Westen op zijn lemen voeten. Dat geeft angst: onze macht kan ook door explosies omvallen! Keizers waren niet voor niets zeer wantrouwend tegenover hun omgeving. En het Westen is niet voor niets als de dood voor het sluipende terrorisme dat het doet wankelen en een machteloos gevoel geeft.

Maar het evangelie, gemeente, is de Macht van God. Hij is in zichzelf almachtig. Niemand hoeft Hem iets te geven. Hij leunt niet. Niemand kan Hem iets afnemen. Hij spreekt en het is er. Hij spreekt en zijn vijanden struikelen. Hij gebiedt en de wereld verandert. Niemand komt Hem tegen. Alles ligt onder zijn voeten.

We zien er iets van wanneer God zijn volk Isra├źl uit Egypte leidt met machtige tekenen en wonderen en ze door de zee voert. Hij deed het met een enkel woord!

We zien het wanneer Jezus de storm neerlegt en de doden opwekt. Hij heeft niets bij zich. Hij is er alleen zelf en Hij spreekt: dat is genoeg. Hij is z├ęlf de Almachtige!

Waar is die Macht van God te vinden?
Niet in een aardse stad. Niet in een werelds rijk.
Maar in het evangelie, in Jezus Christus, Gods zoon.
Dat is het goede nieuws: er is een weg naar het onaantastbaar Godsrijk. En Hij, Jezus, is die weg persoonlijk.
Wie Jezus aanvaardt, wordt burger van een hemelrijk dat niet is stuk te krijgen.
Gods Macht omringt ons.
Wie is het die de wereld overwint? Het romeinse rijk? De Verenigde Staten? Al Qaeda? Nee, wie gelooft dat Jezus is de Christus, de zoon van de levende God!

Het evangelie: om trots op te zijn en je nooit voor te schamen!


b. Maar Paulus geeft nog een tweede typering bij het woord ,,Macht┬┤┬┤.
Het evangelie is een kracht van God ,,Tot behoud┬┤┬┤. [11.4]

Macht van mensen bederft altijd in deze wereld. Daar zijn voorbeelden genoeg van. Rijkdom wordt rot, macht wordt corrupt, leiders worden hebzuchtig. Daarom geneest Amerika de wereld ook niet. En de ondergrondse militia┬┤s kunnen de wereld alleen maar opblazen.
Maar Gods macht is genezend. Zie hoe Jezus helend werkte in Isra├źl. Kijk hoe Paulus optreedt (bijvoorbeeld tijdens de zeereis naar Rome, waar op zijn gebed alle opvarenden gered worden uit de storm: Handelingen 27).

Daarom is er ook ├ę├ęn groot verschil tussen de machten om ons heen en deze macht van God. Mensenmacht zet zich op je, bezet je, drukt je plat. Je hoeft daar niet in te geloven: je hoeft je alleen maar te onderwerpen. Je hoeft de Romeinen niet lief te hebben, maar het zal je geraden zijn voor hun Macht aan de kant te gaan.

Dit is anders bij Gods macht. Daarvoor mag je je openstellen in geloof en vertrouwen, zoals een bloem zich laat openen door zonlicht. Zonlicht is ook Power, maar macht waaraan je je onttrekken kunt door in een donkere kelder te gaan zitten. Zo kan een mens zich onttrekken aan de heilzame werking van het evangelie door zich er helemaal voor af te sluiten. Maar als hij zich ervoor opent, is er meer overmacht dan in de hele westerse wereld en meer power dan bij alle ondergrondse organisaties.

Het is een Kracht van God tot behoud voor allen die geloven, voor joden in de eerste plaats maar ook voor de andere volken.

Het evangelie: om je voor open te stellen en je nooit voor te schamen!


3. (Voor Gods recht) [12]

Hoe kan onze apostel zo hoopvol schrijven over een Kracht die niet imponerend is voor de mensen en die stilletjes door de wereld gaat en de legioenen van Rome voorlopig ongemoeid laat?

Om dat duidelijk te maken geeft Paulus in vers 17 nog een diepere beschrijving.
Waarom is Gods Macht heilzaam?
Omdat Gods Recht daarin openbaar wordt. [13.1]

Opnieuw gebruikt Paulus een kernwoord van Rome.

De Macht van de keizer en het recht van Vrouwe Justitia zijn de pijlers van het Romeinse rijk.
,,Gerechtigheid┬┤┬┤ was in die tijd net zo┬┤n lokkend en populair woord als ,,Democratie┬┤┬┤ vandaag. En zoals Amerika in de hele wereld, vooral in Iraq en het Midden-Oosten de democratie wil brengen, zo wilde Rome overal de ,,Gerechtigheid┬┤┬┤ brengen. Door Romeins rechtsbestuur zou de wereld bloeien en vrede hebben: de beroemde Pax Romana, de romeinse vrede.
Dichters zongen daarover in Rome. [13.2]

Paulus gebruikt hetzelfde populaire woord, maar hij schrijft dan over de Justitia van God. En dat maakt alles anders. Wanneer iemand vandaag zou schrijven over het evangelie dat de democratie van God brengt, zouden we ook voelen dat het om iets bijzonders gaat. Niet langer de gewone, menselijke democratie of gerechtigheid. [13.3]

Paulus stelt tegenover de menselijke Gerechtigheid van Rome, de Gerechtigheid van God.

Mensen kunnen nooit meer brengen dan mensenrechten. Niet in Rome en niet in het moderne Westen. Die mensenrechten zijn dan ook onze trots: het exportartikel bij uitstek voor de derde wereld!
Maar wanneer we nu kijken wat er in de wereld van die algemeen erkende mensenrechten gebeurt, slaat de schrik ons om het hart.

Hoe anders is dit wanneer we komen te staan voor Gods gerechtigheid en Gods mensenrechten of democratie.
Gods recht is de wereld van zijn engelen en heiligen, van zijn Geest en zijn glorie.
Dat is de wereld die we nog niet zien, maar vast geloven. [13.4]

Het evangelie is de poort naar dit Wonderland.
Dat gelooft Paulus. Hij zingt over die wereld aan het slot van hoofdstuk 11:

,,Hoe onuitputtelijk zijn Gods rijkdom, wijsheid en kennis, hoe ondoorgrondelijk zijn oordelen en hoe onbegrijpelijk zijn wegen. `Wie kent de gedachten van de Heer, wie was ooit zijn raadsman? Wie heeft hem iets gegeven, dat door hem moest worden terugbetaald?┬┤ Alles is uit hem ontstaan, alles is door hem geschapen, alles heeft in hem zijn doel: Hem komt de eer toe tot in eeuwigheid. Amen┬┤┬┤


Waar Gods gerechtigheid regeert, gaan alle bloemen bloeien en worden zwaarden omgesmeed tot ploegscharen. Daar geeft liefde de toon aan en niemand ervaart enig onrecht meer. Van zee tot zee zal Hij regeren! Het evangelie is de poort naar d├şe wereld!

*

De gerechtigheid van God komt niet op soldatenlaarzen en via terroristische aanslagen. Het recht van God dwingt niet, maar nodigt.

Paulus komt naar Rome met goed nieuws, een uitnodiging, een oproep. Niet met wapens.
Het is bij Gods gerechtigheid heel anders dan bij de menselijke: dan gaat het van mijn recht naar jouw recht. Maar hier gaat het van mijn geloof naar jouw geloof. [13.5]

Het geloof van Paulus mag de bron zijn voor geloof van heidenen in plaatsen waar hij komt. En het geloof van die heidenen wordt weer de bron voor anderen die tot geloof komen. Zo groeit een ontelbare schare van gelovigen. Zij wachten op de nieuwe aarde waar gerechtigheid van God woont.

Door geloof erven wij die wereld.

Zo stond het al in Habakkuk. De profeet is somber gestemd over wat hij om zich heen ziet op aarde. Maar God geeft hem moed: de dood is het einde niet. Het l├ęven is de toekomst. En dat leven wordt niet bereikt door geweld, maar door geloof. De rechtvaardige die gelooft in God zal door dat geloof leven en toekomst hebben. Dat is G├│ds gerechtigheid voor allen die geloven!

Door geloof in het evangelie gaan wij ten hemel in en erven koninkrijken.

Paulus actualiseert hier de bergrede: Gelukkig de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde bezitten; gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden┬┤┬┤.

*

Paulus schaamt zich daarom niet en nergens, ook niet te Rome.
Wij hebben een geloof dat de wereld overwint.
Laat u niet timide maken door de overvloed aan sterk mensennieuws.
Het evangelie van Jezus, Gods Zoon, steekt er bovenuit.
Het torent er machtig bovenuit als een hemelse toren.
Het geeft adem tot in het nieuw Jeruzalem met Gods gerechtigheid.
Het ontsluit zich voor ieder die gelooft, zelfs in de stadsculturen van het Westen.
Geloof en wees niet verlegen!



AMEN [14]


LEESTIP VOOR PREEKVOORLEZERS: Deze preek kan afzonderlijk gelezen worden maar ook als onderdeel van een blokje van 4 preken over Romeinen 1 en 2.

- Terug naar menu