- Download preek als PDF bestand    (Klik hier voor grote letter)
 - Download liturgie als PDF bestand
 - Download PowerPoint presentatie
 
- Terug naar menu


Tips voor de (voor)lezer.

ALGEMEEN
1. Lees als preeklezer vooraf het menu Informatie over Contact, Tekstkeuze e.a.

2. De cijfers tussen [ ] in de tekst, zijn alleen van belang wanneer men gebruik maakt van beamer-ondersteuning. Lees in dat geval als verzorger van de beamer vooraf in het menu Informatie : ,,De powerpoint presentatie''.



Liturgie.

Morgen- of middagdienst

Votum, Zegengroet, Amen
Zingen: Psalm 34:1,2 (Zij slaan op Hem het oog: de vreugde straalt van hun gelaat)
[vm] Wet van de HERE
[vm] Zingen: Psalm 145: 5 (De HEER bewaart hen die Hem trouw verwachten)
Gebed voor de eredienst
Schriftlezing: Matte├╝s 16:13-28
Zingen: GK-2006 Gezang 139:4 (Gij baande ons de weg om weer tot God te komen)
Tekstlezing: H.C. Zondagen 30b en 31
Preek over H.C. Zondagen 30b en 31
Zingen: Psalm 34:5,6 (Hoort, kinderen, mijn woord, dat u des Heren vreze leert)
Dienst van de gebeden
[nm] Geloofsbelijdenis
[nm] Zingen: Psalm 145: 5 (De HEER bewaart hen die Hem trouw verwachten)
Collecte
Zingen: GK-2006 Gezang 139:6 (Geef dat wij bij Uw komst onstraff'lijk wezen mogen)
Zegen, Amen.


Preek over: Zondag 30b-31

Wilt u voorlezing van deze preek in uw gemeente even melden via contact@vanbruggenpreken.nl?
______________________________



Broeders en zusters, jongens en meisjes,


De catechismus van deze zondag komt ons vandaag misschien niet erg gelegen. Wij leven in een tijd van leven en laten leven. Een tijd van vrijheid van meningsuiting. Wat moeten we in zo\┬┤n tijd nu met de boodschap dat het avondmaal niet voor iedereen zou zijn?[1]

Niet voor iedereen? Hoe komt de kerk daarbij. Hoe kom je ertoe, mensen op grond van mening of gedrag buiten te sluiten? Komt dat zelfs niet dicht in de buurt van discriminatie? Waar blijft in de kerk het recht van een mens om zichzelf te zijn?

Het slot van antwoord 82 zegt dat de christelijke kerk `verplicht is volgens het bevel van Christus en van zijn apostelen allen die zich als ongelovigen en goddelozen doen kennen buiten te sluiten totdat zij hun leven beteren\┬┤ . Hier komen zo ongeveer alle woorden bij elkaar waar moderne mensen allergisch voor zijn.

Het woord `verplicht\┬┤ klinkt zo dwingend: waar blijft je eigen vrijheid van beslissing? Het woord `bevel\┬┤ klinkt autoritair: alsof je mensen kunt commanderen. En `buitensluiten\┬┤ klinkt wel heel mensonvriendelijk. Om er nog maar over te zwijgen dat je eerst je leven zou `moeten beteren\┬┤ : wie maakt dat uit hoe ik wil leven?

*

De allergie voor deze woorden leeft niet alleen om ons heen: zij kruipt ook de kerk binnen. En wanneer er dan tenslotte in de catechismus ook nog sprake is van `sleutels\┬┤ dan doet dit voor velen de deur dicht. Het hemelrijk staat toch wijd open: waar bemoeit de kerk zich mee wanneer zij hier met sleutels van dat hemelrijk aan komt dragen. God zet de deur open voor mensen: zou de kerk die dan op slot mogen doen?[2]

Zo laait de emotie vaak op rond de prediking van Gods eis tot bekering: wat een strenge woorden! En er ontstaat commotie rond de christelijke tucht: wie geeft je het recht om over het gedrag of de mening van anderen te oordelen!

Hier dreigt echter in de huidige christenheid een groot misverstand. Het misverstand dat de deur naar God open staat en dat je makkelijk binnen kunt komen. De sleutels van hemelrijk zouden die toegang dan versperren en de deur op slot willen doen. Maar zo is het niet met deze sleutels.[3]

*

Bedenk eens waarvoor je zelf sleutels op zak hebt. Waarvoor pak je een sleutel wanneer je je huisdeur nadert? Omdat de deur gesloten is. Je kunt er niet in. Maar gelukkig heb je een sleutel: dan gaat de gesloten deur open en je komt binnen. Wanneer je de sleutel kwijt bent of ergens anders hebt laten liggen, heb je een probleem bij je eigen voordeur. Je hoort hier wel thuis te komen, maar de deur blijft toch dicht. Had je maar beter om je sleutels moeten denken. En wat ben je dan blij wanneer je ze terugvindt. Gelukkig wist ik waar ik ze had laten liggen en gelukkig lagen ze daar nog. Blij met je sleutels!

Waarom zou dat anders zijn in de kerk? Waarom zou je niet heel blij zijn dat er sleutels zijn voor het hemelrijk?

Omdat de deur naar God niet gesloten is, maar wijd open staat? Omdat je gemakkelijk kunt binnenlopen? Maar dat is niet zo. Niet voor ons. Niet voor mij. Niet voor u. Ga eens terug in de tijd. Reis eens terug naar het paradijs waarvoor we geschapen zijn. Wanneer je daar aankomt helemaal aan het begin van de bijbel (in Genesis 3), dan staan daar cherubs met een vlammend zwaard: het paradijsÔÇŽdaar komt de mens niet meer binnen. Voorgoed balling op aarde. Buitengesloten.

*

Is dat vandaag anders? Ja, denken sommigen. Jezus Christus houdt toch van mensen en de deur is dus door Hem voorgoed opengezet. Na Goede Vrijdag en Pasen zouden we nu zomaar op elk gewenst moment het hemelrijk kunnen binnenlopen. Dat kunt u denken, maar Jezus zelf spreekt daar anders over.[4]

Hij leert ons in de gelijkenis van de rijke man en de arme Lazarus dat het soms volstrekt onmogelijk is om het hemelrijk binnen te gaan, ook al zou je dat best wel willen. De rijke man, vertrouwd met wet en profeten, keek na zijn sterven vanuit de pijn en vanuit de verte naar vader Abraham in de heerlijkheid. Maar er was een wijde kloof tussen dat hemelrijk en zijn plaats in de pijn. Abraham zegt: `wie van hier naar jullie wil gaan kan dat niet, en ook niemand van jullie kan naar ons oversteken\┬┤ (Lucas 16:26). Het hemelrijk: voor de rijke man voorgoed een onbereikbaar vergezicht. Wat je ook wilt, je komt er nooit!

Heel Jezus\┬┤ onderwijs waarschuwt ons er juist voor dat wij niet geschikt zijn om zomaar de deur naar het hemelrijk te passeren. Sterker nog: de kans dat we niet binnengaan lijkt veel groter dan dat het ons zou lukken. Laten we naar een vijftal woorden van onze Heiland luisteren.

Aan het slot van de bergrede zegt Hij: `Niet iedereen die `Here, Here\┬┤ tegen Mij zegt, zal het koninkrijk van de hemel binnengaan, alleen wie handelt naar de wil van mijn hemelse Vader\┬┤ (Matte├╝s 7:21).

Eerder in diezelfde rede had Hij al het volgende gezegd: `Ga door de nauwe poort naar binnen. Want de brede weg, die velen volgen, en de ruime poort, waar velen door naar binnen gaan, leiden naar de ondergang. Nauw is de poort naar het leven, en smal de weg ernaartoe, en slechts weinigen weten die te vinden\┬┤ (Matte├╝s 7:13-14).

Over de rijken spreekt Jezus: `Ik verzeker jullie: slechts met grote moeite zal een rijke het koninkrijk van de hemel binnengaan! Ik zeg het jullie nog eens: het is gemakkelijker voor een kameel om door het oog van een naald te gaan dan voor een rijke om het koninkrijk van God binnen te gaan\┬┤ (Matte├╝s 19:23-24).

En zelfverzekerde volwassenen krijgen het volgende te horen: `Ik verzeker jullie: wie niet als een kind openstaat voor het koninkrijk van God, zal er zeker niet binnengaan\┬┤ (Marcus 10:15).

Kortom, het is zoals de Here zegt tegen Nicodemus: `Niemand kan het koninkrijk van God binnengaan, tenzij hij geboren wordt uit water en geest\┬┤ (Johannes 3:5).


Wanneer we goed geluisterd hebben naar deze handvol uitspraken, gaan we toch wel verlangen naar sleutels voor het hemelrijk. Sleutels waardoor geopend wordt wat voor ons verboden terrein is. Wat voor ons te moeilijk te bereiken is. Sleutels om het paradijs binnen te gaan zonder door het vlammend zwaard van de cherubs getroffen te worden.

*

Nu lezen we in Matte├╝s 16:19 hoe onze Heiland aan Petrus en de andere apostelen belooft dat Hij aan hen die sleutels van het hemelrijk zal geven. [5]

En even later lezen we in vers 21: `Vanaf die tijd begon Jezus zijn leerlingen duidelijk te maken dat Hij naar Jeruzalem moest gaan en veel zou moeten lijden door toedoen van de oudsten, de hogepriesters en de schriftgeleerden, en dat Hij gedood zou worden, maar op de derde dag uit de dood zou worden opgewekt.\┬┤
Dit zijn dan de sleutels van het hemelrijk: het lijden en sterven en de opstanding van de Heiland. Daardoor wordt het hemelrijk voor jou als zondaar geopend. Je kunt alleen maar binnengaan door gehoorzaamheid aan Hem. Neemt, eet: dat is de sleutel!

De weg naar het hemelrijk loopt dan ook achter Jezus aan. Direct na het eerste lijdensonderwijs zegt onze Heiland: `Wie achter Mij aan wil komen, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis op zich nemen en Mij volgen. Want ieder die zijn leven wil behouden, zal het verliezen, maar wie zijn leven verliest omwille van Mij, die zal het behouden\┬┤ (Matte├╝s 16:24-25).
Je kunt niet blijven die je bent omdat de deur toch wel zou openstaan. Je moet worden die je niet was. Iemand die zichzelf verloochent en zijn leven wil verliezen. Dan word je meegenomen en je komt binnen. Dankzij Hem.

Hij is de weg en de deur. Jezus zegt het zelf na de genezing van de blindgeborene: `Ik ben de deur: wanneer iemand door Mij binnenkomt zal hij gered worden; hij zal in en uit lopen en (als een schaap) weidegrond vinden (bij de Herder)\┬┤ (Johannes 10:9).

Alleen met Hem kom je binnen. Hij heeft door zijn overwinning nu de sleutel van dood en dodenrijk. Hij heeft de sleutel tot de hemel. Hij zegt vanuit die hemel tegen de gemeente van Filadelfia het volgende (Openbaring 3:7-8):

Dit zegt Hij die heilig en betrouwbaar is, die de sleutel van David heeft ÔÇô wanneer Hij opendoet kan niemand sluiten, wanneer Hij sluit kan niemand openen. Ik weet wat u doet. Ik heb ervoor gezorgd dat de deur voor u openstaat, zonder dat iemand hem kan sluiten. Want ook al hebt u weinig invloed, u bent trouw gebleven aan wat Ik heb gezegd en hebt mijn naam niet verloochend.


*

Dit brengt de catechismus dan ook nog eens opnieuw onder woorden in deze vragen en antwoorden. Het avondmaal is ingesteld (zegt antwoord 81) `voor hen die om hun zonden een afkeer van zichzelf hebben en toch vertrouwen dat deze hun om Christus\┬┤ wil vergeven zijn, en dat ook de overblijvende zwakheid door zijn lijden en sterven bedekt is, die ook begeren hoe langer meer hun geloof te versterken en hun leven te beteren\┬┤.

En door de verkondiging van het heilig evangelie worden we hieraan steeds herinnerd, zoals antwoord 84 het zegt: `dat al onze zonden ons door God om de verdienste van Christus werkelijk vergeven zijn, zo vaak wij de belofte van het evangelie met waar geloof aannemen\┬┤.[6]

De verkondiging wijst de weg naar geloof en bekering. En wanneer we ons die weg laten wijzen, gaat voor ons de deur open op de jongste dag. Zo werkt de verkondiging als een sleutel. Als een autosleutel die op afstand de auto opent terwijl wij erheen lopen.

Wees maar blij met die prediking. Want wanneer er een weg ligt, maar er geen wegwijzer zou zijn, dan heb je niets aan die weg. Wanneer na Pasen geen apostelen zouden zijn uitgezwermd met de sleutel van het evangelie, zouden wij allemaal nergens van weten en voor een dichte deur komen te staan bij ons sterven. En wanneer er geen christelijke kerk zou zijn die het evangelie met belofte en eis van bekering ernstig predikt, zouden wij geen weet hebben van de gesloten deur en wij zouden geen besef hebben van sleutels die nodig zijn en die openen zonder dat iemand sluit.

Maar gelukkig klinkt het van eeuw tot eeuw door de wereld: `Bekeer u, verander uw leven, volg de Heiland, bewaar zijn geboden, neem uw kruis op u en zie hoe de gesloten deur zich zal openen!\┬┤

*

Hoe goed is dit evangelie!
En hoe menens is het!

Daarom is er ook die sleutel van de kerkelijke tucht.[7]

Dat klinkt zo streng en het lijkt zo\┬┤n inbreuk op onze vrijheid van keuze om onszelf te willen zijn. Wie wil zich nu aansluiten bij een kerk die je ook kan buitensluiten?

Toch noemt antwoord 82 dat als een plicht van de kerk om `volgens het bevel van Christus en van zijn apostelen allen die zich als ongelovigen en goddelozen doen kennen, buiten te sluiten totdat zij hun leven beteren\┬┤.

De kerkelijke tucht is er niet om mensen te veroordelen maar om ze tegen zichzelf te beschermen. Om `hun leven te beteren\┬┤. Het woord `tucht\┬┤ kan hier misverstand wekken. We associ├źren het misschien met `tuchtigen\┬┤ of `tuchthuis\┬┤. Alsof `tucht\┬┤ hetzelfde is als straf. Maar de kerk is niet geroepen om te straffen: dat is aan God. De kerk is alleen geroepen om mensen te beschermen tegen die straf, om ze te helpen bij God in de gunst te blijven. En je kunt niet in Gods gunst blijven delen wanneer je ongelovig bent of onchristelijk leeft.

Wanneer je avondmaal viert als een huichelaar en zonder je tot God te bekeren, dan is dat levensgevaarlijk. Dan haal je een oordeel over jezelf. Je roept die veroordeling over jezelf af. Zo staat dat in 1 Korinti├źrs 11:29. En zo wordt het nagesproken in antwoord 81. Het kan je dood worden!

Daarom gebruikt de christelijke kerk de prediking en de uitsluiting om mensen tegen zichzelf te beschermen. Om ze terug te brengen op de levensweg. Om ze voor de dood weg te halen.

In de prediking wordt (zo lezen we in antwoord 84) `aan de ongelovigen en huichelaars verklaard, dat de toorn van God en het eeuwig oordeel op hen rusten, zolang zij zich niet bekeren\┬┤.

En in antwoord 85 lezen we over de afhouding van het avondmaal, dat zij die `zich in leer of leven onchristelijk gedragen\┬┤ niet langer tot de sacramenten worden toegelaten en uit de gemeente worden gesloten totdat zij werkelijk beterschap beloven en bewijzen (antwoord 85).

*

Wat een verantwoordelijkheid is dit voor de gemeente en vooral voor de oudsten van de gemeenten![8]

Eens zal de Here de predikanten en de kerkenraden erop aanspreken. Hoe ze gepreekt hebben en hoe ze hebben toegezien op die verkondiging. Dan is de vraag niet of het gezellig was in de gemeente en of iedereen er een goed en veilig gevoel had. Dan zal de vraag zijn of in de gemeente de brede en de smalle weg zijn gepredikt. En of de kerkenraad de gemeente beschermd heeft voor opdringend ongeloof en dwaling en verwereldlijking.

De apostel Paulus zegt bij zijn afscheid van de gemeente van Efeze (Handelingen 20:26-27) het volgende:

Ik verklaar hier op deze dag dat ik voor niemands ondergang verantwoordelijk ben: ik heb immers mijn uiterste best gedaan om u vertrouwd te maken met Gods wil.


Predikanten kunnen geen mensen redden. Kerkenraden kunnen niemands ondergang verhinderen. Maar we zijn wel verantwoordelijk als gemeente en als oudsten dat niemand ongewaarschuwd verloren zou gaan. Dat moet ons zo ter harte gaan, dat we duidelijk vermanen en zo nodig ook afhouden en buitensluiten met gebed om terugkeer en bekering.

*

Het lijkt vandaag alsof men hier bang voor is. Je hoort soms zeggen dat vermaan en afhouding niet zo effectief zijn, want dan verlaten de mensen de kerk en dat wil je toch ook niet. Nee, dat willen we niet. Maar er is een groter gevaar en dat is dat we de eenheid en het bij elkaar blijven hoger gaan waarderen dan het aankomen in het hemelrijk.

Het is zeker waar dat we in een tijd leven waarin vermaan en terechtwijzing niet populair zijn. En waarin afhouding en uitsluiting al helemaal vreemd worden gevonden. Toch zit het probleem niet in die ernstige verkondiging en in die christelijke vermaning en tucht. Het probleem zit in het geringschatten ervan.

Er is een afnemende gezeglijkheid onder de mensen, ook onder de christenen. [9]

Bij de openbare geloofsbelijdenis beloven we `ons gewillig te onderwerpen aan alle christelijke vermaningen\┬┤. Maar hoe klein is die gewilligheid soms wanneer iemand wordt aangesproken op vormen van relaties die vandaag gewoon zijn maar die in strijd zijn met de bijbel. Of hoe weinig weerklank is er soms wanneer je wordt aangesproken op je kerkgang: hoe gewillig onderwerpen we ons dan nog aan alle christelijke vermaning?

De sleutels van het hemelrijk vragen om mensen die willen luisteren, die gecorrigeerd willen worden, die zichzelf willen verloochenen om Christus te volgen en die alle hulp daarbij graag aanvaarden. Openheid voor terechtwijzingen en gewilligheid in het luisteren naar vermaningen zijn een voorwaarde. Ze passen bij wie beseft dat je hulp nodig hebt om te blijven bij het christelijk geloof en de heilige levenswandel. Hulp om binnen te gaan in het hemelrijk.

Waarom ontbreekt die gewilligheid steeds meer en klagen ambtsdragers over te grote zelfverzekerdheid bij gemeenteleden? De zelfbeschikkende houding van de wereld beïnvloedt soms ook de christenen. Weggaan bij de kerk lijkt dan meer voor de hand te liggen dan luisteren en ter harte nemen. Hoe komt dit? En hoe kunnen mensen weer leren luisteren en hun leven gaan beteren vanwege de vermaningen? Hoe leren mensen weer om zich te voegen? Waar begint zoiets?

*

De bijbel vertelt ons heel duidelijk waar het begin ligt van inschikkelijkheid, bereidheid om terechtgewezen te worden, een luisterend oor en een ontvankelijk hart.

Daarvoor moet u naar het boek Spreuken. De wijsheid van Salomo vertelt ons waar het begint. Het begint thuis, bij vader en moeder.[10]

Het begint bij kinderen die jong moeten leren om terecht te worden gewezen en te luisteren en de wijsheid ter harte te nemen. Het begint bij ouders die hun kinderen niet hebben om er naar te kijken, maar om ze op te voeden.

We lezen aan het begin van Spreuken (1:2-7) de volgende woorden:

`De Spreuken van Salomo bieden wijsheid en zijn een leidraad in het leven, verdiepen het inzicht en bevatten wijze lessen over recht, rechtvaardigheid en eerlijkheid. Ze vormen het ongeoefende verstand en geven de jeugd kennis en bezonnenheid. Laat wie wijs is goed naar deze Spreuken luisteren en nog wijzer worden. Laat wie verstandig is meer en meer vaardigheid verwerven deze spreuken en diepzinnigheden te begrijpen, deze woorden en scherpzinnigheden van de wijzen te doorgronden. Het begin van alle kennis is ontzag voor de HERE; een dwaas veracht de wijsheid en weigert elk onderricht\┬┤.


Het is niet voor niets dat we de woorden `terechtwijzing\┬┤ en `tucht\┬┤ in het Nieuwe Testament niet pas horen rond het avondmaal en in de christelijke gemeente, maar dat we ze als eerste tegenkomen in de aansporingen voor ouders en kinderen.

Zo spoort Paulus de ouders aan om hun kinderen op te voeden in wat hij noemt `de onderwijzing en de terechtwijzing van de Here\┬┤ (Efezi├źrs 6:4). En de apostel Paulus spoort de kinderen aan (Kolossenzen 3:20) om `hun ouders in alles gehoorzaam zijn, omdat dit de wil van de Here is\┬┤.

Wie thuis niet leerde luisteren en gehoorzamen, wil later niet vermaand worden. Thuis moet je leren dat ontzag voor de HERE en eerbied voor onze ouders en voorgangers ons helpen op de weg naar het hemelrijk. Leren we dat niet op tijd, dan kunnen we later gemakkelijk blijven steken in het aardse.

Wij mogen binnen gezin en gemeente elkaar beschermen voor het oordeel van de levende God en elkaar helpen op de smalle geloofsweg naar het hemelrijk. En dit begint niet bij de toelating tot het avondmaal. Het begint bij onze eigen levenshouding: dat we ons verantwoordelijk willen weten voor onze broeder en zuster. En dat we ons als ouders verantwoordelijk willen weten voor de kinderen die God ons wilde geven.

*

Zo ging het in deze preek over de weg naar het avondmaal, dat teken van de bruiloft van het Lam.
Het is een weg die naar het hemelrijk voert. Het is ook een weg waar we achter onze Verlosser aan onszelf moeten leren verloochenen om vernieuwde mensen te worden. Bij dat avondmaal hoort daarom ook vanouds het gebed van de Heiland. [11]

Wanneer we dat gebed werkelijk leren bidden, vinden we kracht onderweg. Laten wij het heel vaak gezeglijk vragen, ootmoedig en nederig: `Leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze\┬┤.

AMEN.[12]


- Terug naar menu