- Download preek als PDF bestand    (Klik hier voor grote letter)
 - Download liturgie als PDF bestand
 - Download PowerPoint presentatie
 
- Terug naar menu


Tips voor de (voor)lezer.

ALGEMEEN
1. Lees als preeklezer vooraf het menu Informatie over Contact, Tekstkeuze e.a.

2. De cijfers tussen [ ] in de tekst, zijn alleen van belang wanneer men gebruik maakt van beamer-ondersteuning. Lees in dat geval als verzorger van de beamer vooraf in het menu Informatie : ,,De powerpoint presentatie''.


Liturgie.

Morgen- of middagdienst


Tussen [] staan de elementen genoemd die alleen voor de morgen (vm) of alleen voor de middag (nm) van toepassing zijn.



Votum, Zegengroet, Amen

Zingen: Psalm 62:1,6 (In uw gerechtigheid vergeldt U elk naar wat hij werkte)

[vm] Wet van de HERE

[vm] Zingen: Psalm 101:1,2 (Wanneer komt Gij tot mij in genade?)

Gebed voor de eredienst

Schriftlezing: MatteĂĽs 20:1-16 (het loon voor de arbeiders in de wijngaard)

Zingen: Psalm 145:3 (Genadig is de HEER in wat Hij doet)

Tekstlezing: Zondag 24 (Over de beloning van goede daden)

Preek over Zondag 24

Zingen: Psalm 25:4,5,6 (Uit des Heren hand voorspoed op je weg verwachten)

Dienst van de gebeden

[nm] Geloofsbelijdenis

[nm] Zingen: GK-2006 gezang 155:1,5 (Wil U ter eer, 't geloof in ons versterken)

Collecte

Zingen: Psalm 68;13 (Zijn volk verleent Hij moed en kracht)

Zegen, Amen.


Preek over: Zondag 24

Wilt u voorlezing van deze preek in uw gemeente even melden via contact@vanbruggenpreken.nl?
______________________________


Broeders en zusters, jongens en meisjes,[1]


Zo op het eerste gezicht is zondag 24 niet veel meer dan een voetnoot bij zondag 23. Daar hoorden we wat geloof voor ons mag betekenen. Geloof in Christus geeft vrije toegang tot God en tot het eeuwige leven, ondanks dat mijn geweten mij aanklaagt. Dit is het rijke evangelie. En dat is genoeg.

Toch praat zondag 24 er nog over door. Kunnen onze goede werken niet ons toegangsbewijs zijn tot God? Of in ieder geval een stukje ervan? We komen dus weer terug op zondag 23 en het lijkt herhaling te worden op een kleiner onderdeel.

Maar wanneer je deze 24ste zondag dan verder doorleest, merk je dat er iets nieuws aan de orde komt. Niet alleen de vraag of goede werken ons dichter bij God brengen, maar ook de vraag hoe goede werken beloond worden. En dat is iets nieuws, vergeleken bij zondag 23. Het is ook heel belangrijk om te weten.

Door onze Heiland worden wij gerechtvaardigd door geloof alleen. En dan zou je kunnen denken dat ons leven er niet meer toe doet. Dat hebben ze Paulus ook wel eens verweten, dat hij eigenlijk de zonde en de onverschilligheid in de hand werkte met zijn evangelie van genade alleen (Rom.3:8). En dat verweet men van roomse kant ook de protestanten. Je voelt dat meetrillen in vraag 64. Het is een vraag in de verdediging: `Maar maakt deze leer (van zondag 23) de mensen niet zorgeloos en goddeloos?´

Zondag 24 wil die gedachte voorkomen. Ons leven doet er toe. Het maakt wat uit hoe je leeft. Het loont om goed te leven! Het thema voor deze dienst is dan ook:

LIEFDEVOL LEVEN LOONT [2]

Leven heeft te maken met dingen doen. Wanneer je leeft, beweeg je. Je loopt of zingt, je slaapt of eet, je reist of speelt met je i-phone. Dat is leven: dat je beweegt. Het werkt. JIJ werkt.

Vandaar dat mensen naar je kijken: Wat maak jij ervan? Waar ben je eigenlijk mee bezig?

Wij hebben daar een moderne term voor. Wat is je PROFIEL? Vandaag is het belangrijk om aan je profiel te werken: dan kunnen de mensen zien wat je waard bent.[3]

Wij zeggen daarom `wat is je PROFIEL´ maar we zeggen meestal niet meer: `Wat zijn je WERKEN´. Dat is een term uit de bijbel en uit de catechismus. En omdat wij het meestal niet meer hebben over `onze werken´ wanneer we denken aan ons doen en laten, begrijpen we die term misschien ook niet goed meer.

*

Vaak denken mensen bij `goede werken´ in zondag 24 aan de extra of bijzondere dingen die je zou kunnen doen. Je hebt je werk of gaat naar school, maar je zou dan ook nog wel eens hier en daar een goede daad kunnen doen.

Zoals Je goede doelen hebt waarvoor je kunt geven, zo heb je dan ook goede werken die je zou kunnen doen. Bij `goede werken´ krijgen we misschien het beeld van iemand die verrassingspakketten komt bezorgen bij anderen. Een ouder iemand helpen bij het oversteken of een kind dat gevallen is weer thuisbrengen. Zulke goede werken zijn dan de bloemetjes in het menselijk leven.[4]

Geleidelijk aan zijn `goede werken´ namelijk bijzondere werken geworden. Werken waar de heiligen als Sint Martinus en anderen door opvielen. In de tijd dat onze catechismus werd geschreven waren veel christenen gaan denken dat je door zulke extra daden ook iets kon verdienen bij God. Men ging zelfs zo ver dat de echte heiligen soms een overschot aan `goede werken´ konden hebben, waar anderen weer van konden profiteren wanneer ze die heiligen aanriepen.

Tegen die achtergrond komt in zondag 24 de vraag op of onze goede werken misschien een gedeelte van ons toegangsrecht tot God kunnen vormen. Je hebt misschien wel geen geldig paspoort voor de hemel, maar wordt het misschien toch iets gunstiger wanneer je veel goede dingen hebt gedaan of die van anderen kunt lenen?

De catechismus maakt ons duidelijk dat je niet op die manier gebruik kunt maken van zogenaamde extra goede werken.

*

Maar dan komt er méér in zondag 24. Want wanneer goede werken er niet toe doen om behouden te worden, kunt je je afvragen of het wel zin heeft om goede dingen te doen. Is er dan geen beloning voor je manier van leven? Maakt het niet uit wat je doen en laten is? Doet je profiel dat zo belangrijk is bij sollicitaties er opeens helemaal niet meer toe wanneer je voor de Here verschijnt? Het gaat nu niet meer alleen om die bijzondere extra daden die men `goede werken´ noemde, maar het gaat over ons hele menselijke doen en laten in het algemeen.

De catechismus zegt dan dat het er wel degelijk toe doet hoe je profiel is. En dat er ook loon verbonden is aan een goed doen en laten. In vraag 63 lezen we `dat God onze goede werken wil belonen in dit en in het toekomstige leven´.[5]

In de praktijk hebben protestanten tegenover de roomsen vaak meer nadruk gelegd op antwoord 62: dat goede werken niet een deel van onze gerechtigheid kunnen zijn. Antwoord 63 (dat God onze goede daden wil en zal belonen) krijgt vaak minder aandacht.

*

Toch is het een door en door bijbelse boodschap. In het Oude Testament leren we de HERE kennen als een God die de rechtvaardigen zegent en de afdwalenden en goddelozen straft. Zo kende Israël de HERE, al vanaf Egypte. En daarom hadden ze het er ook heel moeilijk mee wanneer er tijden waren waarin het leek alsof de goddelozen hun gang konden gaan en de rechtvaardigen alleen maar onrecht leden. Dat past toch niet? Daarover klaagden profeten en weeklagen sommige psalmen.

In het Nieuwe Testament is het niet anders. De Here Jezus belooft het koninkrijk aan de armen van geest, maar de goddelozen en ongelovigen zullen als kaf verbrand worden. En tegen de nieuwtestamentische gemeenten zegt de Heiland: `Laat elke gemeente beseffen dat Ik het ben die hart en ziel van de mens doorgrond en dat Ik ieder van u zal belonen naar zijn daden´ (Openbaring 2:23). We mogen uitzien naar loon! Onze Heiland komt zijn lijdende gelovigen belonen. Zo zegt Hij in Openbaring 22:12: `Ik kom spoedig en heb het loon bij me om iedereen te belonen naar zijn daden´.

Daarom sporen de apostelen de gemeenten ook aan om op deze aarde een `goede daden profiel´ te hebben. In Titus 3:8 schrijft Paulus: `Laten zij die op God vertrouwen zich erop toeleggen het goede te doen´. In de Griekse tekst is dan sprake van dezelfde term die de catechismus gebruikt, namelijk `goede werken´: (Herziene Statenvertaling:) `Zij die in God geloven moeten er voor zorgen dat zij anderen voorgaan in het doen van goede werken´. De catechismus zegt ook in antwoord 64 dat `het niet anders kan of ieder die door waar geloof in Christus is ingeplant, brengt vruchten van dankbaarheid voort´. Christenen zijn dus geroepen om het goede goed te doen![6]

Deze `goede daden´ zijn de dingen die onder de mensen als goed en liefdevol en betrouwbaar bekend staan. De christenen uit de heidenen moeten niet ongunstig bekend staan door hun doen en laten. Petrus zegt: `Laat niemand van u moeten lijden omdat hij een moordenaar is, een dief, misdadiger of onruststoker´ (1 Petrus 4:15). Het omgekeerde moet gelden: `Leid te midden van de ongelovigen een goed leven, opdat zij die u nu voor misdadigers uitmaken, door uw goede daden tot inzicht komen en God eer bewijzen op de dag waarop Hij komt rechtspreken´ (1 Petrus 2:12).

Het gaat hier om een manier van doen en laten die uiteindelijk respect afdwingt onder alle mensen. Het profiel van de christen moet een betrouwbaar en liefdevol profiel zijn. Zo´n profiel loont altijd! Daar gaat het in deze preek om. En we gaan daar nu in het tweede deel van de preek nog wat verder op in door drie punten aan te stippen:

LIEFDEVOL LEVEN LOONT![7]

1. Het verborgen loon

2. Het beloofde loon

3. Het onverdiende loon


1. (Het verborgen loon)[8]

Rechtvaardig en liefdevol leven loont altijd. Niet omdat je ook nog christen bent. God ziet de persoon niet aan. Het is niet zo dat een liefdevol leven niet meetelt wanneer je buiten de christelijke kerk leeft en dat het alleen meetelt voor christenen binnen de gemeente. Alsof christenen een voorkeursbehandeling krijgen wanneer het gaat om de waardering voor een menswaardig en liefdevol leven. De HERE onderscheidt bij alle mensen wie misdadig handelen of zelfzuchtig en wie onbaatzuchtig en liefdevol leven. En dat doet Hij zonder een speciale groep voor te trekken.

Er komt een dag dat God oordeelt over wat in de mens verborgen is. Paulus schrijft dat er dan heidenen zullen zijn die de wet niet hebben maar die door hun daden bewijzen dat die wet in hun hart is geschreven. God zal hen aanzien als hadden zij onder de wet geleefd (Romeinen 2:12-16).

Er zijn vandaag goede mensen in de wereld die helaas geen christen zijn. Misschien hebben zij in hun boeddhistische of hindoestaanse omgeving nog nooit gehoord van het evangelie. Hun streven naar recht en naastenliefde wordt vaak gedwarsboomd, maar in het gericht zal het goede niet worden miskend alsof het niets uitmaakte of je dictator was of rode kruis zuster.

Wij weten niet hoe de Here straks zal oordelen, maar Ă©Ă©n ding weten we: Hij heeft het recht lief. En er is verborgen loon voor wie in doen en laten door goede dingen werd geleid. Een liefdevol leven loont. God maakt het verschil. En Hij kent de verborgen bronnen in het hart van de mens.

Bij zondag 24 zouden wij een verkeerde conclusie kunnen trekken. Alsof we maar wat minderwaardig kunnen doen over de goede daden van de mensen. God zelf geeft die nog en gebruikt ze. Laten wij ze respecteren zonder aanzien van persoon. En laten we als christenen ons daarbij aansluiten en daarin zelfs, zoals Paulus zegt, voorop willen gaan. Want alle goede doen en laten is herstel van wat God bedoelde met de mens.


2. (Het beloofde loon)[9]

Het oordeel van de HERE over alle mensen, is ons verborgen. Maar wanneer we tot geloof mochten terugkeren en God als onze Vader aanroepen, krijgen wij al wel een belofte te horen over het loon van Christus. Hij zal ieder van ons belonen naar zijn doen en laten. In het eerste gedeelte van de preek hebben we dat al gezien: Christus komt en zijn loon is bij Hem!

Dat bemoedigt in lijden en helpt om te volharden. Je werkt niet voor niets aan een profiel van liefdevol leven! Misschien mag je nu al toenemen in de gunst van de mensen en helpt het je nu al bij sollicitaties, maar het zal je ook beloond worden in het eeuwige leven. Wie winst maakt met de talenten die hem of haar werden toevertrouwd, krijgt de winst erbij als loon! Vijf talenten worden tien en twee talenten worden vier. Het zwoegen van Gods kinderen, hun tranen en hun leed, zijn in de hand van onze hemelse Vader. Christus komt de tranen drogen, dat is het eerste beloofde loon. En Hij laat ons verrijkt binnengaan bij de bruiloft van het Lam. Ons leven deed er wel degelijk toe!


3. (Het onverdiende loon)[10]

En nu komt tenslotte zondag 24 nog een keer vol in beeld: kan dit liefdevolle leven, dit goede doen en laten in ons leven nu niet onze verblijfsvergunning zijn voor God? Of tenminste een onderdeel ervan?

Als christenen die leven uit genade, weten we eigenlijk al wel dat dit niet kan. Daarom is dit al meteen het vanzelfsprekende uitgangspunt in vraag 62. De vraag is alleen : WAAROM kan dit niet?

Het antwoord luidt in antwoord 63 kort en goed: deze beloning is geen verdiend loon maar een onverdiende gratificatie!

*

Daar zijn twee redenen voor.[11]

De eerste is dat een liefdevol leven niets bijzonders is: daar ben je voor geschapen en daar ben je op aangelegd. Je bent geschapen naar Gods beeld. Wanneer je slecht leeft, verniel je dat beeld. Dat is je verschrikkelijke vandalisme in Gods wereld. Je vernielt misschien geen bushokjes, maar je vernielt veel meer: je vernielt Gods mooiste werk: de man, de vrouw. Wanneer je dat afleert en naar je naaste gaat omzien en liefdevol gaat leven, hoef je je daarvoor niet op de borst te slaan. We loven toch ook geen premie uit voor jongeren die bushokjes heel laten? Je krijgt toch geen loon voor wat vanzelf spreekt?

In deze slechte wereld lijken goede daden soms uitzonderingen. Dan kunnen we denken dat ze uitzonderlijk zijn, maar dat is een vergissing. Uitzonderlijk is de zonde en de slechte daad en een doen en laten dat vol zelfzucht is. Dat verdient straf omdat het uit de pas loopt van de Schepper. Omdat het vernielt wat goed gemaakt was.

Daarom staat er geen premie op goede daden. Mensen denken dat vaak. Ze zeggen dan: `ik heb altijd goed geleefd, dus God zal mij wel accepteren´. Maar laten we dan luisteren naar het volgende onderwijs van onze Heiland (Lucas 17:7-10):
7 Als iemand van jullie een knecht zou hebben die ploegt of de kudden weidt, dan zal hij, wanneer die thuiskomt van het land, toch niet tegen hem zeggen: “Ga maar meteen aan tafel”? 8 Zal hij niet veel eerder tegen hem zeggen: “Maak iets te eten voor me klaar, doe je gordel om en bedien me terwijl ik eet en drink, en daarna kun je zelf eten en drinken”? 9 Hij bedankt de knecht toch niet omdat die gedaan heeft wat hem is opgedragen? 10 Hetzelfde geldt voor jullie; wanneer jullie alles gedaan hebben wat jullie is opgedragen, zeg dan: “Wij zijn maar knechten, we hebben enkel onze plicht gedaan.”´ [12]

*

Er is nog een tweede reden waarom we geen recht op loon hebben wanneer we liefdevol leven. Die reden noemt antwoord 62. Onze goede daden zijn niet volmaakt: ze zijn vaak wormstekig. En ons leven bestaat ook niet uit alleen maar goede daden: onder de dekmantel leven soms ook heel andere dingen. Als zondaren mogen we soms goede daden doen, maar onze motieven kunnen daarbij heel eerzuchtig zijn. En volmaakt goede mensen zijn we zeker niet. Toch had God ons daarvoor wel geschapen.

Kortom: liefdevol leven, een profiel van goed doen en laten, is niet meer dan je plicht en daarin schiet je ook nog vaak tekort. Waarom zou je goede doen en laten dan een reden kunnen zijn voor God om je te belonen?

Toch komt onze Heiland eens met het loon bij Hem. Dat is zeker. Maar het is ook heel verrassend? Komt mijn Heiland tot mij als nalatig mens met loon? Wie ben ik dat ik ook maar iets zou verdienen dat op loon lijkt? Dat loon is voor mij een groot wonder. Het is een onverwachte gratificatie.[13]

Hier mogen we gaan ontdekken hoe groot Gods liefde is en zijn geduld. Wanneer we door Christus behouden willen worden, wordt ons broddelwerk toch nog in ere gehouden. Zoals ouderen de primitieve tekeningen van een kleuter kunnen ophangen op het prikbord. Dat doen ze niet omdat het een kunstwerk is geworden, maar omdat ze die kleuter liefhebben.

*

Zo was er dagloon voor de arbeiders van het elfde uur. We hebben die gelijkenis uit de Schrift horen voorlezen in deze dienst. Het gaat daar over arbeiders waarvan de meeste veel te laat op de arbeidsmarkt waren verschenen. Sommigen pas tegen het eind van de middag. Luie mensen van huis uit. Maar toen ze gewerkt hadden, al was het maar zestig minuten, kregen ze een heel dagloon. Niet omdat ze het verdiend hadden. Maar omdat het de heer vrijstaat te doen met het zijne wat hij wil. En die heer in de gelijkenis van de arbeiders in de wijngaard, was een barmhartig heer. Zo is onze God. Is dat niet verrassend?

*

Samenvattend zeggen we aan het eind van deze preek:

Broeders en zusters, jongens en meisjes,

Het doet er toe hoe je leeft.

Liefdevol leven loont.

Dat loon mag je tegemoet zien in strijd en aanvechting.

Maar doe het met verlegen bescheidenheid.

En wees dagelijks dankbaar dat je onverdiend een Heiland mag verwachten die genadeloon voor je meeneemt.

AMEN.[14]

- Terug naar menu